Adres

Bezoekadres hoofdvestiging
St. Annastraat 61
6524 EH Nijmegen

 

Bezoekadres 's-Heerenberg
Elshardt 13
7041 SW 's-Heerenberg

 

 

Volg ons

Zorgschade: welk uurtarief komt voor vergoeding in aanmerking?

29 januari 2020

Wanneer iemand ten gevolge van een gebeurtenis waarvoor een ander aansprakelijk is ernstig letsel oploopt, dan is de aansprakelijke van aanvang af verplicht de gekwetste in staat te stellen zich van noodzakelijke verpleging en verzorging te voorzien. Dat heeft de Hoge Raad overwogen in het arrest Johanna Kruidhof (HR 28 mei 1999, NJ 1999, 564).

 

In dat arrest ging het om een ernstig gewond kind waarvan de ouders naar het oordeel van de Hoge Raad op redelijke gronden zelf de voor genezing en herstel van het kind noodzakelijke verpleging op zich hadden genomen in plaats van deze taken aan professionele, voor hun diensten gehonoreerde hulpverleners te vertrouwen. De ouders voldeden daarmee naar het oordeel van de Hoge Raad in natura aan een verplichting die primair op de aansprakelijke rust.

 

De redelijkheid brengt in een dergelijk geval volgens de Hoge Raad mee dat het de rechter vrijstaat te abstraheren van de omstandigheden dat die taken in feite niet door dergelijke hulpverleners worden vervuld, dat de ouders jegens het kind geen aanspraak op geldelijke beloning voor hun inspanningen kunnen doen gelden en dat zij in staat zijn die taken te vervullen zonder daardoor inkomen te derven.

 

Er zal naar het oordeel van de Hoge Raad geen hogere vergoeding mogen worden toegewezen dan het geschatte bedrag van de bespaarde kosten van professionele hulp.

 

In het arrest Krüter/Wilton-Fijenoord (HR 6 juni 2003, NJ 2003, 504) waarin het ging om een vrouw die haar echtgenoot na een medische fout gedurende de zes weken voor zijn dood had verzorgd, heeft de Hoge Raad daaraan toegevoegd dat voor vergoeding van deze kosten geen plaats is indien het inschakelen van professionele zorg niet normaal en gebruikelijk is. De redelijkheid is hier overigens een beter criterium dat bovendien ook aansluit bij het wettelijk stelsel, waarin de dubbele redelijkheidstoets beslissend is bij de vergoedbaarheid van kosten als bedoeld in art. 6:96 lid 2 BW.

 

Met welk uurtarief moet nu worden gerekend? Die vraag werd voorgelegd aan de rechtbank Zeeland-West-Brabant (ECLI:NL:RBZWB:2019:2502).

 

In die zaak ging het om een letselschadeslachtoffer dat werd verzorgd door zijn niet-inwonende partner nadat bij een operatie een perforatie van de darm was ontstaan als gevolg waarvan een blijvend stoma werd aangebracht.  De rechtbank knoopt aan bij het formele tarief van de Zorgverzekeringswet dat geldt voor wijkverpleegkundigen. Dat was een uurtarief van € 38,-. Nu door het slachtoffer maar een uurtarief van € 30,- werd gevorderd, werd dat uurtarief toegewezen.

Meer vragen? Neem contact met ons op

T (+31) 24 - 6793747

E info@raafadvocaten.nl